Menu
Het kettingbeding en de kwalitatieve verplichting

Kettingbeding
Een kettingbeding houdt in dat bij overeenkomst wordt bepaald dat de ene partij ten behoeve van de andere partij bij overdracht van een goed bepaalde verplichtingen aan zijn verkrijger zal opleggen. Vaak wordt hierbij ook een boete bepaald voor het geval dat het beding wordt overtreden. Wordt het kettingbeding niet nagekomen dan kan de rechthebbende aanspraak maken op de boete als deze is overeengekomen en eventueel aanvullende schadevergoeding en als geen boete is overeengekomen alleen op schadevergoeding. De opvolgende verkrijger is alsdan in beginsel niet gebonden. Dit is slechts anders indien hij in het licht van alle omstandigheden jegens de rechthebbende onrechtmatig heeft gehandeld door het beding niet te aanvaarden.

Kwalitatieve verplichting
In het huidige BW is in boek 6 artikel 252 de mogelijkheid opgenomen om een kwalitatieve verplichting af te spreken. Dit betekent dat wordt bedongen dat een verplichting van één der partijen om iets te dulden of niet te doen ten aanzien van het haar toebehorend registergoed zal overgaan op degene die het goed nadien onder bijzondere titel zal verkrijgen. Daarbij kan worden overeengekomen dat hieraan ook gebonden zal zijn degene die van de rechthebbende een recht op gebruik van het goed zal verkrijgen. Een kwalitatieve verplichting moet bij notariële akte worden overeengekomen en in de openbare registers worden ingeschreven. De verplichting is dan gebonden aan het registergoed, dat is het onroerend goed. In lid 5 van artikel 6:252 BW is opgenomen dat het artikel niet van toepassing is op verplichtingen die de verkrijgende beperken in de bevoegdheid het goed te vervreemden of te bezwaren.

Het beste van beiden
De kwalitatieve verplichting kan alleen worden overeengekomen als het gaat om iets te dulden of niet te doen. Daarom wordt in de praktijk ook nog gebruik gemaakt van de mogelijkheid van het kettingbeding en wel bij verplichtingen om iets te doen of te geven of indien het gaat om verplichtingen terzake vervreemden of bezwaren van het onroerend goed. In de praktijk wordt met betrekking tot verplichtingen die aan verdere verkrijgenden moeten worden opgelegd vaak gebruik gemaakt van de kwalitatieve verplichting met kettingbeding. Hiermee kan de meeste zekerheid worden verkregen.

 

Indien u geconfronteerd wordt met rechtsvragen die betrekking hebben op het bovenstaande zijn wij uiteraard graag bereid u daarbij te assisteren.

Geplaatst op door Reijer Wolleswinkel in Overeenkomsten en aansprakelijkheid