15 november 2019 in Particulier door Mr. R.C.F. (Romy) Schaap

Een oorlogsroman in de rechtbank

Particulier

Dat Nederland in 1943 nog volop in de Tweede Wereldoorlog zat, hoef ik u niet uit te leggen. Duitse officieren werden ingekwartierd in Nederlandse steden en trokken in de huizen van de gezinnen die daar leefden. Hoewel het maatschappelijk niet geaccepteerd werd een liefdesrelatie op te bouwen met personen van de Duitse Wehrmacht, kunt u zich misschien voorstellen dat dit zo nu en dan toch gebeurde. Zo ook in de situatie die centraal staat in de opvallende uitspraak van de rechtbank Noord-Holland (die overigens wegleest als een roman). Los van het feit dat er een interessant verhaal schuil gaat achter deze uitspraak, worden er grenzen verlegd door de rechter. Ik wil u deze uitspraak dan ook niet onthouden. De casus zal vanzelfsprekend worden ingevuld met fictieve namen.

1943; Marco, een Duitse officier van de Wehrmacht komt bij de familie Bakker wonen. Na een tijdje krijgen de 18-jarige Anna Bakker en Marco een relatie waaruit Henk later wordt geboren. Van een gelukkig gezin is geen sprake, want Marco komt in een krijgsgevangenkamp terecht. Het was de bedoeling van Marco om Anna en Henk naar Duitsland te laten komen, zodra hij zou worden vrijgelaten om zo toch een gezin te kunnen vormen. Door inmenging van de ouders in de relatie is deze hereniging er nooit gekomen toen Marco in 1947 werd vrijgelaten. Anna trouwt op een later moment met Pieter. Pieter is door dit huwelijk de juridische vader van Henk geworden. Omdat Henk nog zo jong was, weet hij niet beter dan dat Pieter zijn vader is.

De jeugd van Henk is er één die wordt gekenmerkt door tirannie en woede richting hem vanuit Pieter. De tante van Henk kan de situatie niet langer aanzien en schrijft een brief aan Henk. In deze brief schrijft zij dat niet Pieter, maar een officier uit de oorlog zijn biologische vader is. Henk heeft Marco later opgezocht in Duitsland en zij hebben een warme band ontwikkeld. Omdat Henk bang was alle verhoudingen op het spel te zetten, heeft hij nooit actie durven ondernemen met betrekking tot het wijzigen van het juridisch vaderschap.

Ten tijde van de uitspraak is Henk inmiddels 75 jaar oud en Pieter en Marco zijn overleden. Henk heeft al zijn moed bijeen weten te rapen en heeft zich tot de rechtbank gewend om het juridisch vaderschap van Pieter te ontkennen en het vaderschap van Marco vast te laten stellen. Maar dan komen de wettelijke termijnen om de hoek kijken. Een verzoek tot gegrondverklaring van de ontkenning van het vaderschap moet namelijk bij de rechtbank worden ingediend binnen drie jaar nadat het kind erachter is gekomen dat de juridische vader niet zijn verwekker is. Bij Henk heeft dit veel langer geduurd.

Hoewel wettelijke termijnen bindend zijn, oordeelt de rechter dat het in strijd met de bescherming van ‘family life’ zoals neergelegd in artikel 8 van het EVRM zou zijn om de termijn aan te houden. De rechtbank oordeelt dat er geen enkel belang gediend wordt met het hanteren van de termijn, juist integendeel. Henk zijn belangen zouden ernstig worden geschaad wanneer de wettelijke termijn zou worden gehanteerd. De ontkenning van het vaderschap wordt gegrond verklaard en in een latere rechtszaak wordt ook het vaderschap van Marco vastgesteld. Op 75-jarige leeftijd kan Henk eindelijk zeggen dat de juridische situatie in overeenstemming is gebracht met de werkelijkheid.  

Deze uitspraak maakt de menselijke kant van het recht opnieuw goed zichtbaar. Hoewel de wettelijke termijnen uiteraard als uitgangspunt hebben te gelden, worden ook hieromtrent alle belangen nauwkeurig afgewogen. U kunt de uitspraak zelf nog eens nalezen via http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2018:3017.  

Een oorlogsroman in de rechtbank

Mr. R.C.F. (Romy) Schaap
Advocaat


Stuur een mail 0342 491 028